Zoals voor elke diagnose geldt, geldt uiteraard ook voor sarcoïdose dat de diagnose in de spreekkamer van een arts gesteld wordt. Meestal zal dat de longarts zijn maar gezien het multisysteem karakter van sarcoïdose kunnen ook andere medisch specialisten betrokken zijn bij het stellen van de diagnose.
Geen eenvoudige diagnose
Sarcoïdose is een aandoening die meestal niet makkelijk te diagnosticeren is. De vele verschillende (en soms vage) klachten die kunnen optreden bij sarcoïdose zijn niet kenmerkend (niet specifiek) voor sarcoïdose. Dat wil zeggen dat ze ook bij andere aandoeningen voorkomen.
Daarnaast is sarcoïdose zeldzaam, waardoor andere aandoeningen meer voor de hand liggen. In de spreekkamer van de arts kunnen dus eerst andere (meer waarschijnlijke) aandoeningen in beeld komen, voordat aan sarcoïdose wordt gedacht.
Dat maakt alles bij elkaar dat sarcoïdose meestal niet makkelijk te herkennen is. Een uitzondering daarop is van het syndroom van Löfgren. Dit heeft wel een specifiek klachtenpatroon en is daardoor makkelijker herkenbaar.
Wat ziet Sarcoidose.nl
We komen regelmatig mensen tegen die zich afvragen of ze sarcoïdose hebben. Zeker als het bij mensen in de familie voorkomt. Het antwoord is een stuk ingewikkelder dan de vraag. Vaak hebben mensen het gevoel dat er iets niet klopt. Er zijn allerlei ‘vage’ klachten die lang aanhouden, maar geen arts lijkt te kunnen vinden wat er mis is. Van alles is al onderzocht, maar er komt steeds niets uit. Zit het dan toch tussen je oren?? Nee! Want dat er iets aan de hand is, daar is iedereen het over eens. Maar waarom kan dan niemand iets vinden? Pijntje hier, pijntje daar en vooral erg moe, vaak heel erg moe, als een zware griep die maar niet over gaat.
Meestal valt er zoveel op z’n plaats als de diagnose sarcoïdose eenmaal is gesteld. Mensen realiseren zich vaak achteraf pas hoeveel vage klachten er eigenlijk al langer speelden, soms zelfs al vóór die talloze onderzoeken in het ziekenhuis. De klachten worden er niet minder vaag van en de impact van sarcoïdose is ook niet minder, maar dat ‘het beestje’ dan een naam heeft is vaak wel een enorme opluchting.
Misdiagnoses
Soms komt het ook voor dat mensen in eerste instantie geen of een onjuiste diagnose krijgen, een zogenaamde misdiagnose. Uiteraard zijn deze verkeerde diagnoses onwenselijk want patiënten worden daardoor niet op de juiste manier en niet op tijd behandeld. In de loop van de tijd hebben we er al heel wat langs horen komen onder onze leden: Fibromyalgie, ziekte van Lyme Non-Hodgkin, ziekte van Sjögren, jeugdreuma, Reumatoïde artritis, ME/CVS (chronisch vermoeidheidssyndroom), TBC, longkanker, malaria, en natuurlijk ‘aanstelleritis’. Helaas kennen we voorbeelden waarin het jaren heeft geduurd voordat de juiste diagnose gesteld wordt. Gelukkig komt dat steeds minder vaak voor!
Hoe wordt de diagnose sarcoïdose gesteld?
Er bestaat helaas geen bloedtest of scan waarmee de diagnose sarcoïdose in een keer gesteld kan worden. Er zijn altijd verschillende onderzoeken nodig om de diagnose te kunnen stellen. Omdat de klachten die zich kunnen voordoen bij sarcoïdose ook bij andere aandoeningen voorkomen zijn de onderzoeken ook belangrijk om andere mogelijke aandoeningen uit te sluiten.
Naast lichamelijk onderzoek wordt standaard het bloed onderzocht en soms ook de urine. Verder wordt een beeld van (het functioneren van) de longen verkregen door een röntgenfoto van de borstkas en een longfunctietest. Voor een preciezer en uitgebreider beeld kan men gebruik maken van diverse soorten scans.
Al deze onderzoeken kunnen samen een beeld geven dat kan duiden op sarcoïdose, maar tonen de aanwezigheid van granulomen nog niet aan. Door middel van een weefselonderzoek (een biopt) kan men dan de definitieve diagnose stellen. Als er granulomen aanwezig zijn moeten ook nog andere granulomateuze aandoeningen (zoals TBC) worden uitgesloten. Sarcoïdose is daarom altijd een diagnose die gesteld wordt door andere aandoeningen uit te sluiten. dat noemt men een diagnose per exclusonem.
