Gemakzucht, of prestigekwestie?

« Terug naar artikel

Gemakzucht, of prestigekwestie?

Je hebt zo van die dagen dat je je afvraagt of sommige mensen met opzet alles proberen te frustreren. Die momenten waarop je denkt “hoe is het toch mogelijk”,Waar halen ze het vandaan” en meer van dat soort kreten. Dagen zoals de afgelopen twee, waarbij het leek alsof de hele wereld gek geworden was…

Mijn historie is bij mijn trouwe lezers welbekend. Ondanks een lichaam dat niet wil dat ik nog langer mijn maatschappelijke verplichtingen kan nakomen probeer ik me op andere manieren nuttig te maken, en daar waar mijn gesteldheid het toelaat ook nog een beetje van datzelfde leven te genieten. De ene dag lukt dat beter dan de andere, maar over het algemeen meen ik toch een relatief positieve invulling te geven aan die momenten dat het me gegund is om van toegevoegde waarde te kunnen zijn voor deze maatschappij.

Helaas zijn er ook minder positief denkende mensen waarvan ik noodgedwongen afhankelijk ben gemaakt; mensen die mij eigenlijk niet kennen maar mij toch menen te moeten beoordelen vanaf een stuk papier, ergens in een kantoortje elders in het land. Mensen die ik nog nooit heb gezien, gesproken of enige correspondentie mee heb gevoerd; voor mij slechts namen onder dikke pakken papier, al dan niet voorzien van een blauw logo.

In maart van dit jaar werd mij een uitkering toegekend omdat men vond dat ik niet in staat ben om gepaste arbeid uit te kunnen voeren (de details staan in eerdere blogs van mijn hand); met andere woorden werd ik arbeidsongeschikt bevonden, met in de ogen van de verzekeringsarts een meer dan geringe kans op herstel (gebaseerd op ??). Verder werd ik in staat geacht 20 uur per week te kunnen werken; er was echter op basis van de door diezelfde verzekeringsarts ingevulde functionele mogelijkhedenlijst geen enkele passende functie voor mij te vinden. Dus: 100% arbeidsongeschikt, maar niet volledig.

Dat betekent voor mij dat ik over een kleine drie jaar opnieuw moet worden beoordeeld door een verzekeringsarts; het hele circus begint dan gewoon van voor af aan. En al die tijd, of het nu terecht is of niet, blijft mijn huidige ex-werkgever verantwoordelijk voor mij met betrekking tot re-integratie of het bemiddelen in een aangepaste functie elders, mocht men tegen die tijd alsnog iets vinden waarmee ik die 20 uur zou kunnen volmaken. Dat mijn werkgever het daar niet mee eens is moge duidelijk zijn, dus een bezwaar op de beslissing volgde.

Nu, ruim vier maanden verder, plofte er zo’n dik pak papier in de bus. De enveloppe waar ik al een poos naar uitkeek; de enveloppe die mijn werkgever zou ontslaan van zijn verplichtingen jegens mij. De enveloppe die mij zou bevrijden van mijn schuldgevoel jegens mijn werkgever, zodat ook die stress zou verdwijnen. De enveloppe die mij zou vertellen dat men mijn situatie toch niet goed had beoordeeld, en mij bij nader inzien alsnog volledig arbeidsongeschikt zou verklaren.

Niet dus. Het regeltje waar alles om draaide had een ander kleurtje; de woorden hadden toch een andere betekenis. Want men heeft, en ik herhaal een stukje uit een blog van begin maart “uit de literatuur kunnen opmaken dat de kans op genezing van sarcoïdose en neurosarcoïdose erg groot te noemen is”. Pardon? Mijn werkgever is in bezwaar gegaan, en heeft daarvoor een bezwaararts in de arm genomen. Wie heeft er nu zo erg zitten slapen om deze arts niet te raadplegen? Is het gemakzucht geweest van iemand op dat kantoortje elders in het land om zich ertoe te bewegen een eenvoudige copy-paste actie uit te voeren, zonder mij of op zijn minst mijn behandelteam te benaderen?

Of is het gewoon een prestigekwestie van betreffend instituut om mij een hak te zetten, omdat ik het lef heb gehad een artikel te publiceren in het kwartaalblad SarcoScoop van de SBN waarin ik geen blad voor de mond heb genomen hoe men daar tewerk gaat? Omdat ik meewerk aan verschillende uitzendingen en publicaties (De Monitor bijvoorbeeld) die deze organisatie flink op de vingers tikt? “Die meneer zullen wij het eens lekker moeilijk gaan maken!”, want de waarheid mag vooral niet worden verteld. In diezelfde brief werd aangehaald dat men geen gebruik heeft gemaakt van het recht om te worden gehoord. Logisch, want daar was helemaal geen aanleiding voor omdat men helemaal niets van zich heeft laten horen, tot het moment dat de brief in de bus viel…

Schaamteloos. Dat noem ik het handelen van de medewerker van de afdeling Bezwaar en Beroep die mijn dossier (jawel, dossier, want stel je voor dat ze de term “mens” zouden bezigen) heeft “verwerkt”. We hadden het misschien kunnen zien aankomen: een lastig dossier zo midden in de vakantietijd. Allemaal moeilijke toestanden, en het is al zo druk… Het koude biertje en de ingepakte koffers lonken immers, dus geen tijd en zin om er eens serieus naar te kijken. Ik geef het op, ik begrijp deze gang van zaken niet meer. Als ik 20 uur zou kunnen werken zou ik dat wel doen, in plaats van tijdens de zoveelste slapeloze nacht een verhaal als dit in elkaar timmeren.

Ik hoop dat mijn werkgever de strijd niet opgeeft, en in beroep gaat bij de rechtbank. In de hoop dat het misschien lukt om een onafhankelijke rechter te vinden die in staat is om deze praktijken nu eindelijk eens tegen het licht te houden en vooral te doen stoppen. Zowel mijn werkgever als ik, en met ons nog vele anderen worden nu gewoon belazerd door een stel mensen die roepen het beste met ons voor te hebben, maar zich tegelijkertijd te verschuilen achter wetten en regels die zijzelf niet eens kunnen uitleggen.

Maar vooral de nonchalance waarmee men iemand middels een pennenstreek be- en vooral veroordeelt, zonder ooit met die persoon te hebben gesproken, dat is ronduit misdadig. Hoe kan een mens toch leven met de manier waarop men dit soort zaken behandelt… Je zou bijna denken dat de robots deze taken al hebben overgenomen van de mens. Het gebrek aan empathisch vermogen is een veel grotere handicap dan ik ooit zal krijgen. Gelukkig krijg je daar geen uitkering voor!

Hallo, hier schrijft Rob van Jaarsveld (1960), sinds kort 100% arbeidsongeschikt door neurosarcoïdose. Bij toeval werd in 2015 sarcoïdose in de longen geconstateerd; in mijn blogs lees je hoe en wat. Ik kwam na de diagnose als eerste bij de SBN terecht; ik heb mij geen moment bedacht en mij als vrijwilliger aangemeld om iets voor mijn mede-patiënten te kunnen doen. Ik doe nu met een aantal medevrijwilligers het (vooral technisch) beheer van deze website, het forum, de social media en naast het bloggen ook redactiewerk voor de Sarcoscoop. Ik hoop dat mijn verhalen (ook te lezen op www.vonjot.nl) anderen kunnen inspireren om het allemaal een keer lekker van zich af te kunnen schrijven. Hoe dan ook: ondanks alles blijf ik positief, en zal mijn lichaam niet laten winnen van mijn geest!

Lees alle blogs

Delen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *