Skip to content

Letterlijk en figuurlijk

Of ik na half vier kan bellen, vraagt Patricia ten Berge. Kan ze daarvoor nog even een stukje wandelen. ’Ik heb er niet iedere dag tijd voor, maar probeer het wel zo vaak mogelijk te doen.’ Wat heet. Patricia ten Berge liep al twee keer naar het bekende Spaanse pelgrimsoord Santiago de Compostela. Een keer vanuit Nederland en een keer vertrok ze in Frankrijk. Duizenden kilometers in beweging.

Dat klinkt sportarts Thomas Geel als muziek in de oren. Niet dat iedereen naar Santiago de Compostela moet wandelen, maar iedere dag (voldoende) bewegen is wat hem betreft uitermate belangrijk. De 41-jarige Geel is sportarts in het Zwolse Isala ziekenhuis en promoveerde eind november vorig jaar op het onderwerp Hartrevalidatie. ‘Ik houd me vooral bezig met mensen die hartproblemen hebben en probeer hen te adviseren over bewegen bij een hartziekte en na een hartoperatie. Onderzoeken wijzen uit dat het enorm kan helpen. Door middel van hartrevalidatie is er een duidelijke afname (35-40 procent) te zien in sterfte en hart- en herseninfarcten. Dat zal niet anders zijn voor mensen met een chronische ziekte. Bewegen is goed. Voor iedereen.’

Als Patricia ten Berge naar huis in Harderwijk rijdt, zet ze haar auto wel eens aan de rand van een bos of natuurpark. ‘Om even te wandelen, bewegen. Als ik niet aan beweging doe, lig ik al snel op de bank. Met dat lopen kom ik weer in mijn kracht. Het is helend voor jezelf, zo werkt het in ieder geval bij mij.’

Prima medicijn

Een prima medicijn om fitheid en conditie op peil te houden. ‘Het beste en goedkoopste medicijn dat we hebben’, verzekert Thomas Geel. ‘Ik wil vooral de mensen bereiken die niet zoveel met sport hebben en mede daardoor te weinig bewegen. Daar is de meeste winst te halen.’ Die winst is op veel terreinen terug te zien. Thomas Geel: ‘Dertien soorten kanker worden geassocieerd met te weinig beweging. Er is onder andere minder kans op darm- en maagkanker en bij voldoende beweging is er bijna vijftig procent minder kans op borstkanker. Daar is uitgebreid onderzoek naar gedaan.’

Bewegen geeft je lucht, letterlijk en figuurlijk. Patricia ten Berge: ‘Het lange wandelen is voor mij het resetten van jezelf. Afstand nemen van jezelf. Het is prikkelarm, je hoeft helemaal niets. Alleen maar stappen. Met vriendinnen ga ik af en toe twee of drie dagen op pad. Lange wandelingen maken. Maar nooit langer dan twintig kilometer. Dat is ongeveer mijn grens.’

Het mag af en toe wel een beetje pijn doen, vindt Thomas Geel. How much pain for the optimal gain? is niet voor niets de ondertitel van zijn proefschrift. ‘Longpatiënten kunnen bij inspanning last met de ademhaling krijgen. Dat wil niet zeggen dat je dan maar moet afhaken. Integendeel. Je kunt ook krachttraining doen. Dan verzuur je minder, moet je minder met je ademhaling doen. Ook die krachttraining is voor iedereen op maat te maken.’ Krachttraining is altijd aan te bevelen, voegt Snoek er nog aan toe. ‘Combineren met duurtraining is uitstekend. Ik leg het altijd uit aan de hand van een auto. Als je langzaam rijdt, is dat goed voor de brandstoftank. Als je harder rijdt, vergroot dat de motorinhoud.’

Nieuwe beweegnorm

Uitgerekend op de dag dat Thomas Geel promoveerde, vaardigde de Wereld Gezondheidsorganisatie een nieuwe norm voor bewegen uit. ‘De norm was: 150 minuten per week bewegen. Nu is dat 150 tot 300 minuten per week matig intensief bewegen of 75 tot 150 minuten intensief. Als je de helft van die bewegingsnorm haalt, win je al heel veel. Als je de normbeweging haalt, heb je 30 procent minder kans op hartproblemen, bij extra bewegen is dat zelfs 40 procent. Dat geldt ongetwijfeld ook voor andere ziekten en aandoeningen. Bewegen voorkomt een heleboel ziekten.’

Dat kan best zonder sportschool, meent Thomas Geel. Niet dat hij iets tegen sportscholen heeft, maar je moet er niet afhankelijk van zijn. ‘Het exacte bewegingspatroon is minder belangrijk. Als je maar beweegt. Een paar keer per dag de trap nemen in plaats van de lift. Het is zwaar, zeker. Maar het is zo goed voor je fitheid, je conditie. Die fitheid en conditie zijn de beste voorspellers voor overlijden. Een goede conditie en fitheid zorgen voor aanzienlijk minder sterfte.’

In 2009 werd bij Patricia ten Berge sarcoïdose vastgesteld. Longen, ogen, lymfeklieren en speekselklieren waren aangetast. ‘Ik viel veel af. Gelukkig is de sarcoïdose nu rustig. Nog één keer vlamde de ziekte op. Ik ken nu mijn grenzen en ik weet wat ik op een dag kan doen. Het is niet zo dat ik de hele dag in touw kan zijn. In verpleeghuizen geef ik klankontspanningen aan mensen met dementie en ik werk ongeveer tien uur per week. Dat gaat prima. Of dat wandelen de sarcoïdose tot rust heeft gebracht, weet ik echt niet. Daar kan ik niets over zeggen. Het wandelen brengt me in ieder geval rust en geeft me lucht om leuke dingen te doen.’

Op afstand kan Thomas Geel uiteraard ook niet beoordelen of het wandelen de sarcoïdose tot rust heeft gebracht. ‘Maar het heeft ongetwijfeld bijgedragen aan een betere conditie en fitheid. Ik hoop zo dat mensen inzien dat bewegen noodzakelijk is en dat je daarmee heel wat gezondheidsproblemen voor kan zijn. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie beweegt een op de vier mensen te weinig. Onderzoek wijst uit dat 49 procent van de Nederlanders voldoet aan de bewegingsnorm. Prima, maar 51 procent doet dat dus niet!’

‘Ik heb tijdens mijn onderzoeken gemerkt dat de ondersteuning langdurig moet zijn. Je moet blijven stimuleren. Bij een van de onderzoeken hebben we de helft van het aantal deelnemers een zogeheten beweegmeter gegeven. Om bewegen goed te registreren. De uitkomst lag wel voor de hand. De mensen met de beweegmeter waren na een jaar aanzienlijk fitter dan de mensen zonder beweegmeter en goede coaching.’

Kortom, bewegen is geen gebakken lucht.

Back To Top